kunstbus
Mail uw opmerking over of aanvulling op dit artikel naar kunstbus@gmail.com

Residentie-Orkest

Het Residentie Orkest, in het buitenland bekend als The Hague Philharmonic, is een Nederlands symfonieorkest dat in 1904 is opgericht. De naam slaat op het feit dat Den Haag de residentie is van het Koninklijk Hof, momenteel van koningin Beatrix.

Het Residentie Orkest geeft het eerste abonnements-concert in november 1904, onder leiding van oprichter Dr. Henri Viotta. Spoedig is het orkest een pleisterplaats voor componisten als Richard Strauss, Igor Stravinsky, Max Reger, Maurice Ravel, Paul Hindemith en Vincent d'Indy. Als gastdirigenten treden Arturo Toscanini, Bruno Walter, Leonard Bernstein en onder anderen Hans Knappertsbusch op.

Geschiedenis
De geboorte van het Residentie Orkest valt omstreeks 1903. Op 7 februari 1903 werd een concert gegeven in het Gebouw voor Kunsten en Wetenschappen aan de Zwarteweg. Voor de eerste maal prijkte op de affiches de naam "Residentie-Orkest". Na afloop van dit concert werd gestreefd naar een verdere uitbouw van het orkest. Een speciaal oprichtingscomité zorgde voor de uitvoering van de plannen. Gestart werd met een serie zondagmiddagconcerten in de zaal van Diligentia. Op 20 november 1904 vond wederom een concert plaats in het Gebouw voor Kunsten en Wetenschappen. Deze datum geldt thans als de officiële oprichtingsdatum van het Residentie Orkest.

In 1904 vond het eerste concert plaats onder leiding van de oprichter Henri Viotta die zich ook in de jaren ervoor al bijzonder had ingezet voor de uitvoering van symfonische muziek in Nederland. Al spoedig maakte het orkest naam. In 1911 hield het orkest een festival rond de muziek van Richard Strauss waarbij deze componist zelf het orkest kwam dirigeren. Onder de vooroorlogse dirigenten valt vooral de componist Peter van Anrooy te noemen en de vaste gastdirigent Georg Szell. De hoboïst Jaap Stotijn zorgde ervoor dat Arturo Toscanini enige keren dit orkest heeft gedirigeerd. Tussen 1949 en 1973 was Willem van Otterloo chef-dirigent. Deze periode is gedocumenteerd in vele opnamen die het orkest in de Grote Zaal van het Concertgebouw in Amsterdam opnam. Tot zijn opvolgers behoorden achtereenvolgens Ferdinand Leitner, Jean Martinon, Hans Vonk en Evgenii Svetlanov. De violist Jaap van Zweden was van 2000 tot 2005 chef-dirigent. Eind 2005 is de Est Neeme Järvi hem opgevolgd.

Na de Tweede Wereldoorlog wordt Willem van Otterloo aangesteld. Van 1949 tot 1973 is hij vaste dirigent van het Residentie Orkest en bouwt hij een bijzondere reputatie op door de inmiddels vermaarde speelkwaliteit te koppelen aan een avontuurlijke programmering. Dit oefent aantrekkingskracht uit op vooraanstaande dirigenten en componisten, onder wie Bruno Maderna, Mauricio Kagel, John Cage en Pierre Boulez. Na Van Otterloo worden achtereenvolgens Jean Martinon, Ferdinand Leitner, Hans Vonk en de Russische maestro Evgenii Svetlanov benoemd tot vaste dirigenten.

Concertzaal
Belangrijk in de ontwikkeling van het Residentie Orkest was de verzorging van de zomerconcerten in de Scheveningse Kurzaal, die in 1915 van het Orchestre Lamoureux werd overgenomen en die heeft geduurd tot 1968, toen in het zich wijzigende badplaatsleven voor klassieke concerten onvoldoende belangstelling bleek te zijn. De Kurzaal is evenwel nimmer de eigen concertzaal van het Residentie Orkest geweest. Zeer lange tijd heeft het orkest zonder eigen, echte concertzaal moeten optreden. Vanaf de oprichting werden de Haagse abonnementsconcerten gegeven in het akoestisch matige Gebouw voor Kunsten en Wetenschappen aan de Zwarteweg in Den Haag. Nadat dit in 1964 was afgebrand, begon voor de musici een ontmoedigende zwerftocht langs tal van inadequate zalen. In 1968 verhuisde het orkest naar het Nederlandse Congresgebouw. Ook na een ingrijpende akoestische verbouwing van de Prins Willem-Alexanderzaal in het Congresgebouw bleek deze ongeschikt als concertzaal. Hierop nam het Residentie Orkest een privé-initiatief en besloot in 1983 een eigen zaal te bouwen. Sponsors werden gezocht, sponsorconcerten gegeven en er werden speciale grammofoonplaten uitgebracht: de twee series "400 jaar Nederlandse muziek". Uiteindelijk kon na al deze inspanningen in september 1987 de Dr Anton Philipszaal Dr. Anton Philipszaal aan het Spui worden betrokken.

Karakteristiek
Het Residentieorkest mag zich verheugen in het bezit van een fluwelen strijkersklank. Door de jaren heen hebben de solisten van de diverse orkestgroepen nationaal en internationaal van zich laten horen. Legendarisch is het concertmeestersduo Herman Krebbers en Theo Olof. Jaap Stotijn was de feitelijke grondlegger van de zogeheten Nederlandse hoboschool met hoboïsten als Han de Vries, Jan Spronk, Frank van Kooten en Bart Schneemann. De hoornisten Herman Jeurissen en Ab Koster behoren door hun spel en musicologisch onderzoek tot de meest aangeziene bespelers van dit instrument. Het orkest heeft van oudsher een grote naam op het gebied van de uitvoering van Nederlandse muziek en werken van moderne componisten.

In de laatste decennia van de twintigste eeuw produceert het Residentie Orkest een groot aantal platen en cd's. De serie Dutch Masters met Willem van Otterloo is een begrip onder verzamelaars; de box 400 jaar Nederlandse muziek en de reeks opnamen voor Chandos onder leiding van Matthias Bamert zijn een bewijs van het warme pleidooi dat het Residentie Orkest houdt voor werken van Nederlandse componisten. Spraakmakend en veelgeprezen zijn de opnamen met Gennady Rozhdestvensky (werken van o.a. Tsjerepnin en Dukelsky) en George Pehlivanian (werken van o.a. Zhukov en Liszt). Met Evgenii Svetlanov brengt het Residentie Orkest zes cd's uit. Naast bekend en minder bekend Russisch repertoire komen hierop ook westerse meesters als Brahms, Debussy, Elgar, Strauss en Mahler aan bod.

In september 2000 treedt Jaap van Zweden aan als opvolger van Svetlanov. Direct daarop vertrekken het Residentie Orkest en zijn nieuwe chef-dirigent voor een tournee naar Japan. Tournees volgen naar Brazilië, Argentinië, Duitsland, Engeland, Gran Canaria en Midden-Europa. In juni 2003 verschijnen alle symfonieën van Beethoven onder leiding van Jaap van Zweden bij Philips Classics op de nieuwe Super Audio Compact Disc.

In het seizoen 2004-2005 bestaat het Residentie Orkest honderd jaar. Naast een prestigieuze serie jubileumconcerten wordt het jubileum gevierd met de uitgave van onder meer een jubileumboek en een bijzondere cd-box.

In 2004 nam het orkest samen met Chuck Deely een CD op, zij hadden al eerder samengewerkt voor het 100e Binnenhoffestival.

Jaap van Zweden volgt vanaf september 2005 Edo de Waart op als chef-dirigent van het Radio Filharmonisch Orkest Holland en is tot 2009 als Honorary Guest Conductor aan het Residentie Orkest verbonden.

Per september 2005 treedt Neeme Järvi aan als chef-dirigent van het Residentie Orkest. De grote, in Estland geboren, maestro dirigeert per seizoen een achttal programma's met meesterwerken uit de 19de en 20ste eeuw.

Website: GNU Free Documentation License. It uses material from the Wikipedia article http://nl.wikipedia.org/wiki/Residentie_Orkest.


Pageviews vandaag: 322.