kunstbus
Mail uw opmerking over of aanvulling op dit artikel naar kunstbus@gmail.com

Ouverture

Ouverture

(Fr. openingsdeel). Oorspronkelijk een instrumentale inleiding bij opera's en oratoria. Zij komt echter ook zelfstandig voor.

In de ouverture speelt alleen het orkest. Er wordt nog niet gezongen. Er zijn delen van de muziek in verwerkt die later in de opera terugkomen.

De strenge ouverturevorm is bithematisch; de vorm werd later zelfstandig in die zin, dat hij als omhulsel voor een op zichzelf staande orkestcompositie kan worden gebruikt.

Orkeststuk ter inleiding van onder andere een opera, oratorium, voorts ook eerste onderdeel van een klavier- of orkestsuite (bij Bach); in de negentiende eeuw ook eendelig orkestwerk van programmatische aard voor de concertzaal (zogenaamde concertouverture).

Al vroeg ontwikkelden zich twee typen, de Italiaanse of Napolitaanse ouverture, en de Franse ouverture. De Italiaanse ouverture (ook sinfonia) bestond uit drie onderdelen: snel-langzaam-snel (Scarlatti); de Franse ouverture uit de onderdelen langzaam-snel-langzaam (Lully). De Weense klassieken schreven ouvertures in vrije sonate- of hoofdvorm


Pageviews vandaag: 59.