kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.

Ut

Franse benaming voor do, de eerste toon van de toonladder. (Ut re mi fa so la)

Sinds het einde van de 17de eeuw wordt Ut als regel vervangen door do. In de Romaanse landen en Belgie heeft Ut de absolute toonhoogte van c.

De Guidonische lettergrepen zijn de oud-Latijnse benamingen van de zes tonen van het hexachord ut-re-mi-fa-sol-la, een groep van zes opeenvolgende tonen uit de diatonische toonladder. Bij het zangonderricht bestond behoefte aan een eenvoudiger aanduiding van de muzieknoten c,d,e,f,g,a,b. Het is de benedictijner leraar Guido van Arezzo, die omstreeks 1030 in Pomposa de koorjongens van de kloosterschool opleidde, en hen leerde zingen met ut, re, mi.

Die benamingen kwamen van de beginlettergrepen van bekende verzen van de Johannushymne. Ut (querant laxis), Re (sonare fibris), Mi (ra gestorum), Fa (muli tuorem), Sol (ve polluti), La (biireatum). De S en de i voor Si komen samen van Sancte Ioanne. Vertaald : "opdat wij ons gemoed kunnen uitstorten in 't bezingen van uw wondere leven, geef zuiverheid aan onze lippen, heilige Johannus". Het vormde een weldoordacht en toepasselijk onderdeel van zijn onderwijsmethode. Dat de eerste toon later ter wille van de klank in Do veranderde, kwam de toonladder ten goede.

Met de komst van de Renaissance veranderde het denken over het toonsysteem en de gebruikte toonreeksen sterk. De muziek werd tonaal en accoorden begonnen een steeds grotere rol te spelen. Toch werd muziek nog lange tijd met behulp van het oude hexachordensysteem onderwezen.

Vele eeuwen later pas (19e eeuw) werd de lettergreep ut in de meeste landen door do vervangen (van dominus, Heer) en werd er een zevende lettergreep si (van de beginletters van Sancte Ioanne) aan het systeem toegevoegd en hadden alle zeven tonen van de diatonische toonladder nu hun eigen naam. Daarmee werd het hexachordenstelsel ook in het muziekonderwijs voorgoed vervangen door een stelsel van toonladders.

De Engelse muziekpedagoog John Curwen veranderde in de vorige eeuw de Sol in So, en de Si in Ti, zodat alle lettergrepen met een andere medeklinker beginnen. De namen van de verhogingen en verlagingen geeft men gewoonlijk aan door de vocalen te veranderen. De donkere oe-klank geeft de verlagingen weer, de heldere uu-klank de verhogingen. De halve noten heten: (tussen haakjes de naam van de verhoogde/verlaagde toon) Do [du/-], Re [ru/roe], Mi [-/moe], Fa [fu/-], So [su/soe], La [lu/loe], Ti [-/toe]. Deze noten waren bedoeld om op te zingen, het zijn dus zangnoten.

Er zijn wezenlijke verschillen met het oude systeem. Iedere toonladder omvat een heel octaaf in plaats van zes tonen en bevat twee kleine secundes in plaats van een. In het moderne toonsysteem representeert 'Do' de tonica of grondtoon van het akkoord of van de toonladder waarin het stuk geschreven staat.

Bron o.a.: wikipedia - Guidonische lettergrepen


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 5.