kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.

Tafelorgel

In de Middeleeuwen evolueerde de muziek van monodie naar polyfonie. Voorbode van deze evolutie was wel degelijk de doedelzak, waar de in essentie monodische schalmei de steun krijgt van de baspijp(en) die een onafgebroken (grond)toon produceren. De weg naar het organum van Hucbald VAN SAINT-AMAND (ca 840 – 930) is niet lang meer.
De École de Notre-Dame (1175 – 1250) laat reeds een duidelijke evolutie merken. En de Cantigas de Santa Maria (Galicië-Portugal 13de eeuw) die rechtstreeks afstammen van de monodische traditie van de minnezangers, zijn zeer wel gediend van een of andere 'brombas' door doedelzak of orgel.
Hetzij monodisch, hetzij polyfonisch, in die verre tijden was muziek zuiver vocaal. Het orgelrepertorium zelf is waarschijnlijk ontstaan uit bewerkingen van zangstukken. En zoals dat heden nog altijd gebeurt, bepaalde het orgel waarover men beschikte het repertoire – of omgekeerd.
Net zoals de doedelzak is het tafelorgel (portatief) vooral monodisch: de linkerhand bedient de blaasbalg terwijl de rechter hand de melodie speelt op het klavier. Hans MEMLING heeft ons een prachtige afbeelding van zo'n instrument nagelaten (Christus temidden van musicerende Engelen). Het grotere positief heeft dan weer iemand nodig die zich met de blaasbalg(en) bezighoudt, zodat de organist beide handen vrij heeft om ditmaal meerstemmig te kunnen spelen (zie het Lam Gods- Jan VAN EYCK, Sint Baaskathedraal te Gent). Het Pastourelle en un vergier (de herderin in een boomgaard), een driestemmig lied van Pierre FONTAINE (begin 15de eeuw) is hiervan een illustratie.

Bron: txt cornemuse NL


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 366.