kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.

Sonologie

De sonologie (v.)

Wetenschap van de muzikale klank

Geschiedenis Instituut voor Sonologie
1956-1960 elektronische muziek bij het Philips Natuurkundig Laboratorium Eindhoven
In 1956 opent het Natuurkundig Laboratorium van Philips een studio voor elektronische muziek binnen de muren van de akoestische afdeling. Deze akoestische afdeling had al een lange traditie als pionier op het gebied van nagalmproeven, multiplicatie van concerten, elektronische muziekinstrumenten, luidspreker- en microfoonontwerp, synthetisch geluid, perceptieonderzoek en stereofonie. De nadruk bij de producties uit deze studio ligt op functionele muziek zoals muziek voor (animatie)film, ballet, tentoonstellingsruimtes en 'populaire' muziek voor grammofoonplaat.

NatLab
Ir. Roelof Vermeulen, hoofd van de akoestische afdeling van het Natuurkundig Laboratorium van Philips (het NatLab), liet zich overhalen een voorlopige studio voor componisten in te richten. Vermeulen hoopte met de componisten ook frisse nieuwe ideeën de researchafdeling binnen te brengen.
Nadat Henk Badings een aantal werken in deze Philips studio had gerealiseerd, zoals 'Kaïn en Abel' uit 1956, vroeg ir. Vermeulen aan één van de toenmalige studioassistenten - Dick Raaijmakers - of hij niet eens wat populaire muziek kon produceren. Raaijmakers' eersteling - 'Song of the second Moon' uit 1957 - was direkt een schot in de roos, wereldwijd staat dit stuk nog altijd bekend als de allereerste (en misschien ook wel leukste) popmuziek met elektronische geluiden...

Poème électronique
Het artistieke hoogtepunt van de activiteiten op het gebied van elektronische muziek bij Philips wordt gevormd door het "Poème électronique", een automatische voorstelling van beeld, kleur en elektronische muziek die in een door Iannis Xenakis speciaal daarvoor ontworpen gebouw werd vertoond op de wereldtentoonstelling van 1958 in Brussel. Het project werd geleid door de architect Le Corbusier, die ook de beeld- en kleursequenties bepaalde. De elektronische muziek werd gecomponeerd door Edgard Varèse die hiervoor 9 maanden naar Eindhoven kwam. In het paviljoen werd de muziek vanaf 3 klanksporen weergegeven over een systeem van 350 luidsprekers die waren verdeeld in clusters en routes. De klanken konden zich sprongsgewijs danwel geleidelijk door de ruimte verplaatsen.

1960-1964 de studio uit Eindhoven wordt voortgezet bij de Rijksuniversiteit Utrecht onder de naam STEIM
Philips besloot in 1960 dat het Natuurkundig Laboratorium niet langer huisvesting kon bieden aan een studio die gaandeweg een werkplaats voor componisten begon te worden en steeds minder de rechstreekse belangen van het bedrijf diende. Nadat in overleg met allerlei organisaties de mogelijkheid van het voortbestaan van de studio was onderzocht werd deze uiteindelijk overgedragen aan de Rijksuniversiteit Utrecht. Onderdak werd gevonden in een klein gedeelte van het gebouw "Atlanta" aan de Plompetorengracht. De invloed van Philips bleef aanvankelijk groot en een duidelijke artistieke koers was er niet.

1964-1967 STEIM gaat verder onder de artisitieke leiding van Gottfried Michael Koenig
Die artistieke koers zou kort daarna bepaald gaan worden door Gottfried Michael Koenig. Koenig was al sinds 1961 regelmatig in Nederland als spreker tijdens de jaarlijkse Gaudeamus muziekweek in Bilthoven, alwaar hij ook een cursus voor elektronische muziek startte in een zeer kleine studio in het tuinhuis van het Walter Maashuis. In 1964 wordt Koenig artistiek directeur en Frank de Vries zakelijk leider van STEM. Onder hun leiding groeit STEM uit tot een studiocomplex dat het hele Atlanta gebouw in beslag neemt en internationale bekendheid verwerft als productie-, onderwijs- en onderzoeksinstituut. Vanaf 1966 wordt een jaarlijkse internationale cursus elektronische muziek opgezet die nog steeds bestaat.

1967-1986 STEIM wordt het Instituut voor Sonologie
De internationale belangstelling krijgt een nieuwe impuls met de komst van een PDP-15 computer, die wordt ingezet voor het ontwikkelen van programma's voor algoritmische compositie en digitale klanksynthese.
Computerprogramma's als Projekt 1, Projekt 2 en SSP (Koenig), PILE (Paul Berg), MIDIM / VOSIM (Werner Kaegi) en POD (Barry Truax) zijn mijlpalen in de geschiedenis van de computermuziek en voor gerenommeerde componisten als Cort Lippe, Robert Rowe, Dirk Reith, Amnon Wolman, Jean Piché ,Takayuki Rai en Ramon Gonzalez Arroyo vormden de ervaringen opgedaan op het Instituut voor Sonologie een basis voor hun latere werk.
Ook op het gebied van de voltage-control techniek in de analoge studio's blijft Sonologie nieuwe apparatuur ontwerpen en bouwen: een traditie die tot op de dag van vandaag wordt voortgezet.

1986 - het Instituut voor Sonologie wordt ondergebracht in het Koninklijk Conservatorium in Den Haag
Naast de éénjarige cursus wordt nu ook een vierjarige conservatorium hoofdvakopleiding en een tweejarige Masters geboden. Kernpunten van het onderwijsprogramma zijn nog steeds: elektronische muziekproductie, digitale klanksynthese, algoritmische compositie, voltage control techniek en muziektheorie. Daar is bovendien met de opkomst van de live-elektronische muziek een belangrijke tak bijgekomen, waarbij zowel aandacht aan de compositorische modellen als aan de technische aspecten van software en hardware wordt besteed. Op de eigen elektronica werkplaats worden interfaces ontworpen en gebouwd.

Websites: www.radio4.nl, www.sonology.org


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 76.