kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.

Ruperto Chapi y Lorente

Ruperto Chapí y Lorente geboren Villena vlakbij Alicante, 27 maart 1851, gestorven Madrid 25 maart 1909
Spaans componist en dirigent

Naamsvarianten: Chapi y Lorente, Ruperto Chapí, Ruperto Chapi, Chapí y Lorente

Chapi y Lorenta was al snel betrokken bij banda muziek, als cornetspeler en, op 9-jarige leeftijd, als componist en arrangeur. Hij speelde cornet in de Banda de Música Nueva de Villena en was op zijn vijftiende dirigent van de Banda Municipal de Alicante. Een jaar later ging hij naar Madrid om aan het Real Conservatorio Superior de Música de Madrid te studeren, waar hij harmonie studeerde bij Miguel Galiana en compositie bij Pascual Emilio Arrieta y Corera.

Om zijn hoofd boven water te houden werkte Ruperto Chapi als kornetspeler voor verscheidene theaterorkesten. Hij componeerde zijn eerste zarzuela Abel y Caín voor het Teatro Circe de Price, waar zijn mede orkestlid Tomás Bretón was.

In 1872 kreeg Ruperto Chapi een eerste prijs in compositie en met Arrieta's hulp kreeg hij een opdracht van het Teatro Real om een opera te componeren, Las naves de Cortés (1874), waaraan de tenor Tamberlick deelnam. Dit leverde een studiebeurs op om in het buitenland te studeren. In 1876 werd zijn opera La hija de Jefté uitgevoerd in het Teatro Real.

Ruperto Chapí studeerde aan het Conservatoire National Supérieur de Musique te Parijs en later in Rome aan de Academia Española de Bellas Artes.

Chapí raakte vastbesloten zich nu aan het componeren te wijden eerder dan aan militaire bands en hij keerde in 1878 terug naar Madrid en vestigde een succesvolle carrière.

Chapí's latere opera's omvatten onder meer Roger de Flor (1878), La Serenata (1881) en Circe (1902). Zijn symfonische muziek omvat onder meer a Fantasía morisca, a Polaca de concierto, een Symfonie in D en een 3 delig toongedicht Los gnomos de la Alhambra. Verder schreef hij voor Strijkkwartetten, liederen en andere kamermuziek, zowel als een oratorium Los ángeles.

In 1889 weigerde Chapí lid te worden van de Academia de Bellas Artes, gedeeltelijk vanwege hun lakse houding ten opzichte van de rechten van artiesten. In 1893 was hij medeoprichter van de auteursvereniging Sociedad de Autores Española.

Ruperto Chapí werd ziek terwijl hij zijn laatste opera Margarita la tornera (1909) in het Teatro Real dirigeerde en stierf kort daarna, twee dagen voor zijn achtenvijftigste verjaardag.

Chapi's roem ligt nu bij de beste van zijn vele zarzuela's, waaronder La tempestad (1882), La bruja (1887) en El rey que rabió (1891) - welke alle werken in drie akten waren van de género grande. Zijn grote zarzuela's in operastijl zijn waarschijnlijk El milagro de la Virgen (1884) en Curro Vargas (1898), welke zich beiden kunnen beroemen op prachtige tenor romanzas.

Toen de kleinschaliger género chico gebruikelijk werd, deed Chapí succesvol mee aan deze nieuwe trend met El tambor de granaderos (1894), Las bravías (1896) en - beslist zijn meest geliefde werk - La revoltosa (1897). Hierna componeerde hij o.a. nog La chavala (1898), El barquillero (1900), El puñao de rosas (1902), La venta de Don Quijote (1902) en La patria chica (1907).

websites: www.zarzuela.net


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 20.