kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.

Oscar van Hemel

Oscar van Hemel geboren Antwerpen 3-8-1892, gestorven Hilversum 9-7-1981
Nederlands componist

Hij ontving zijn muzikale opleiding aan het Koninklijk Vlaamsch Conservatorium te Antwerpen met als hoofdvak viool. Harmonie en compositie studeerde hij bij August de Boeck en Lodewijk Mortelmans. Hij verliet deze instelling met de Koninklijke medaille. Van 1930 tot 1933 studeerde hij bij Willem Pijper, aan wie hij zijn eerste Sonate voor viool en piano opdroeg.

Tijdens Wo I was hij violist bij de Nederlandse Opera in Amsterdam. In 1918 vestigde hij zich te Bergen op Zoom, waar hij aan de Stedelijke Muziekschool als leraar voor viool, piano en theorie verbonden werd.

Zijn eerste composities staan sterk onder invloed van het Franse impressionisme. Dit komt ander meer tot uiting in zijn liederen voor alt en kamerorkest: De Kudde en De mensen van de hei. Na 1930 komt er onder invloed van Willem Pijper een wijziging in zijn stijl, waarin dan vooral het lineaire contrapunt een belangrijke rol speelt. Met de Eerste vioolsonata (1933)begint zich deze nieuwe stijl te manifesteren.
In het algemeen heeft de muziek van Van Hemel een lyrisch karakter. Zijn Vioolconcert (1944) werd bekroond met de muziekprijs-1946 van de stad Amsterdam.

Van 1948 tot 1955 was hij verbonden aan het Muziekconservatorium der R.K. Leergangen (het huidige Brabants Conservatorium) in Tilburg voor de theoretische vakken en viool.

Eind 1949 vestigde hij zich in Hilversum waar hij zich voornamelijk met componeren bezighield, veelal in opdracht van de Regering en de Nederlandse omroepen.
Van Hemel was een veelgevraagd jurylid bij concoursen voor harmonie en fanfareorkesten en voor koren.
Als muziekrecensent was hij verbonden aan De Gooi en Eemlander en aan De Maasbode.

Werken: oa pianomuziek: 2de Sonate (1945), Thema con variazone (1955); kamermuziek: 2 sonates voor viool en piano (1933, 1945), pianotrio (1937), pianokwartet (1938), 2de en 3de strijkkwartet (1947, 1953), vier koperkwartetten (1955); orkestmuziek: Symfonie nr I (1935), Symfonie nr II (1948), symfonietta (1952), Resurectio (1941), ballade (1942), suite voor kamerorkest (1936), suite voor fluit en kamerorkest (1937), pianoconcert (1942), vioolconcert (1944), altvioolconcert (1951), feestelijke ouverture (1952), Olof-suite (1953), Thema con variazione (1953), Le tombeau de Kathleen Ferrier (alt en orkest, 1954), Hoboconcert (1955); koorwerken: De Stad (1949) Ballade van Brabant (1952), Hart van Nederland (1952), een Te Deum (1957); opera: Viviane


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 107.