kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.

Nico

Strip-Tease / Sweet Skin Slideshow

eigenlijk Christa Päffgen geboren Keulen 16-10-1938, gestorven Ibiza 8-7-1988
Duits model, actrice, popzangeres

Nico was één van de fascinerendste en meest mysterieuze vrouwen van de multimedia revolutie uit de zestiger jaren en lang daarna, tot nu toe.

Christa Päffgen werd geboren in 1938, in het door de nazis geregeerde Duitsland. Op haar tweede jaar werd ze meegenomen naar het kleine stadje Spreewald, een voorstad van Berlijn, waar ze gedurende de WO II woonde bij haar moeder en haar grootvader, een spoorwegman. Haar vader stierf in een concentratiekamp.

In 1946, op de vlucht voor de Russische bezetting, vestigden moeder en dochter zich in de verwoeste Amerikaanse sector van Berlijn, waar Christa part-time werkte als naaister. Ze zat tot haar dertiende op school en kreeg daarna een baantje als verkoopster van lingerie. Na een jaar vond haar moeder een baan voor haar als model bij een modehuis in Berlijn.

Op haar vijftiende werd Christa Päffgen naar het eiland Ibiza gestuurd voor een opdracht en ontmoette de fotograaf, die haar de naam Nico gaf, naar een recent overleden vriendje van hem genaamd Nico Papatakis. Later ontmoette ze hem weer als eigenaar van een nachtclub in Parijs.

Nico trad voor het eerst op in de film For the First Time, met Mario Lanza en geregisseerd door Rudolp Maté, in het shot van een korte scene in Capri tussen juni en november 1958. Op Ibiza begon een levenslange betrokkenheid met het eiland. Op vakantie in de villa van een vriend in Rome, werd Nico uitgenodigd op de set van La Dolce Vita. In 1959 merkte Fellini haar op, staand in een hoekje, en bood haar direct een flinke rol aan in de film.

Haar reputatie groeide en Nico en haar moeder gingen naar Parijs, waar Nico voor een veel groter modellen agentschap ging werken. Al snel verscheen haar foto in tijdschriften en reclames over de hele wereld. Voor de daaropvolgende vijf jaar was Parijs haar thuis, met regelmatige vakanties naar Ibiza.

In 1960 ging Nico naar New York om modellenwerk te doen en nam les aan de Method School van Lee Strassberg, in dezelfde klas als Marilyn Monroe, om zich voor te bereiden op een carrière als serieus actrice.
In november 1962 had ze een grote rol in een Franse film getiteld Strip-Tease, waar ze een act met een pop op het podium deed in een club. Ze maakte haar eerste opname, met Serge Gainsbourg als producent, de titelsong Strip-Tease, maar in plaats daarvan werd de versie van Juliette Gréco uitgebracht.

In 1964 ontmoette Nico Brian Jones, door wie ze Andrew Loog Oldham, de manager van de Stones ontmoette en maakte haar eerste plaat voor zijn Immediate label: I'm Not Sayin, een Gordon Lightfoot song, geproduceerd door Jimmy Page.

Later in 1964, teruggekeerd naar New York, ging Nico weer als model werken en kreeg een baantje als zangeres in de Blue Angel Lounge op 55th Street (alle drankjes 85 dollarcent). Ze had een relatie met Alain Delon, die ze in 1962 in Italië had ontmoet en kreeg een zoon, die ze Ari noemde. In die periode wilde iedereen dat mysterieuze blonde meisje kennen en ze adoreerden haar kort, maar volkomen.

Later in Parijs ontmoette Nico, Bob Dylan, die erop aandrong haar zangcarrière voort te zetten en haar een song gaf: I'll Keep It with Mine, later opgenomen op het solo debuut album Chelsea Girl. Dylan schreef een hulde aan haar op zijn album Blonde on Blonde, getiteld Visions of Johanna.
Later introduceerde Dylan haar bij Andy Warhol, die haar begon te gebruiken als ster in zijn en Paul Morrissey's experimentele films.

De legende verteld dat Nico tegen Andy zei: "I want to sing" en dat hij haar introduceerde bij zijn laatste protégé's The Velvet Underground, een onderdeel van Warhol's multi media Exploding Plastic Inevitable groep tot 1967.
Op dat moment gaf Nico het modellenwerk op en ging een jaar met ze toeren. Ze zong mee in lange improvisaties, zowel als in de klassieke Lou Reed composities Femme Fatale, All Tomorrow's Parties en I'll Be Your Mirror. Al voordat het legendarische Banana album werd uitgebracht ging zij haar eigen weg; de band maakte zich zorgen overschaduwd te worden door haar kwellende charismatische aanwezigheid en dwongen haar eruit te stappen. De belangrijkste reden was het probleem tussen haar, Lou Reed en John Cale, jaloezie in liefde en haat, waar Andy Warhol van genoot om getuige van te zijn.

Maar Nico was al begonnen met zingen in de beneden bars van de legendarische Dom Club, met een voortdurend veranderende achtergrond bezetting van gitaarspelers, waaronder Tim Hardin, Tim Buckley, Ramblin' Jack Elliot, zelfs drie van The Velvets en meestal de 16 jaar oude Jackson Browne. Een tijdje woonde ze samen met de jonge songwriter en nam verschillende van zijn vroege composities op in 1967, samen met de song die Bob Dylan haar gegeven had, niet opgenomen Velvet Underground nummers zoals Wrap Your Troubles in Dreams en nieuwe Reed/Cale composities voor haar solo album Chelsea Girl.

De toon was gezet: haar diepe slaapverwekkende monotone stem werd één van haar handelsmerken, evenals haar lage kreunen, hoge jukbeenderen en zware make-up, een stijl herrezen door de goth's, met de 'Nico From The Grave Look'. Met John Cale als haar producer, maakte ze drie albums vol geheimzinnigheid, overladen met vreemde geluiden en gevoelens en ze begon kleine tournees te maken, vooral in Frankrijk en Spanje, soms in de vroege zeventiger jaren in CBGB in New York. Haar optredens in die tijd waren onvergetelijke ervaringen; haar zang, haar spel op het oude Indiase pomp orgel, bijna met een mystieke intensiteit, rond echoënd in het bewustzijn van de luisteraar.

Strip-Tease (1963) (Clip 1)

In 1969 ontmoette Nico de filmregisseur Philippe Garrel in Italië en maakte in vijf jaar tien films met hem, op locaties in IJsland, Egypte en Death Valley. De meeste van deze films waren lange geïmproviseerde scènes op de vreemdste plaatsen met een zeer wazig verhaal, opgebouwd rondom de hoofdfiguur.

De periode 1976-1979, bevond Nico zich min of meer verslagen en uitgeblust in New York, ze was zelfs haar manager en vriend Lutz Ulbrich kwijtgeraakt. Ze verhuisde naar Londen om het Drama of Exile album op te nemen in 1981, een plaat met geschiedenis, van gestolen master-tapes, opnieuw opgenomen versies en vooral een ongelukkige Nico. Maar vanaf dat moment toerde ze regelmatiger, vooral met jonge muzikanten, die een universeel mystiek orientaals geluid brachten op het podium, soms in tegenspraak met Nico's koele en statische invalshoek, altijd rokend en drinkend, maar altijd zeer intens en fragiel in haar optreden. In deze tijd had ze nergens een thuis.

Na een pauze van bijna tien jaar, bracht ze in 1985 een nieuw album uit, Camera Obscura, weer geproduceerd door John Cale. Het album plaatste Nico midden in de experimenten die plaatsvonden in de tachtiger jaren. Sommigen van het jongere publiek zagen haar als de terugkeer van een 'punk goddess', zingend over de donkere kant van de straat, maar haar optredens werden meer en meer een hulde aan dode vrienden, met een requiem-achtige sfeer.

Op 8 juli 1988, ging ze een fietstocht maken op het eiland Ibiza, ze was weer eens op bezoek gekomen, een fietser in de vorm van een gezonde vrouw, bijna clean van haar drugsverleden. Mensen vonden haar bewusteloos naast haar fiets, en brachten haar naar het Cannes Nisto Hospital, waar ze om 20.00 uur stierf aan een hersenbloeding.

Haar as werd begraven in Berlijn in een kleine begraafplaats in het Grunewald bos, aan de rand van Wannsee, in haar moeders graf, Margarete Päffgen (1910-1970) op 16 augustus 1988, met enkele vrienden die een song van Desertshore op een casetterecorder speelden.....

Liebes kleines Mütterlein
Nun darf ich endlich bei Dir sein
Die Sehnsucht und die Einsamkeit
Erlösen sich in Seeligkeit.


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 106.