kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.

Jacques Offenbach

eigenl. Jakob Eberst Offenbach geboren Keulen, 20 juni 1819, gestorven Parijs, 5 oktober 1880
Frans componist van Duitse afkomst

Jacques Offenbach was de tweede zoon van de Joodse cantor Isaac Juda Eberst, afkomstig uit de plaats Offenbach. Isaac Eberst was voorzanger in de synagoge in Keulen-Deutz, waar men hem Offenbach noemde. Zijn zoon Jakob leerde cello en compositie bij Bernhard Breuer in Keulen, een componist van carnavalsmuziek en schlagers.

In 1833 ging vader Offenbach met zijn twee zoons, Jakob de cellist en Julus de violist, naar Parijs, waar Jakob zich direct Jacques Offenbach noemde. Jacques Offenbach kreeg op zijn veertiende een plaats aan het Parijse conservatorium, waar hij een jaar lang cello studeerde.

Vanaf zijn zestiende jaar in 1835 was hij drie jaar lang werkzaam als cellist aan de 'Opéra Comique' en speelde gelijktijdig in de Parijse salons van de adel, ook trad hij in de jaren '40 als cellovirtuoos op, onder meer te Londen in een hofconcert.

In 1844 trouwde Offenbach met Hermine d'Alcaine en zij kregen 4 dochters. In 1848 tijdens de revolutie vluchtte Offenbach naar Keulen en na zijn terugkeer was hij van 1850-55 dirigent van de Comédie française.

Tussen de revolutie van 1848 (president Louis Napoléon, en 4 jaar later keizer Napoléon III) en de slag bij Verdun (het einde van het keizerrijk), componeerde Offenbach 100 vrolijke theaterwerken, die hem schatrijk maakten.

In de periode 1852-70, de 'Second Empire' wist Offenbach naam te maken. Hij behaalde een eerste succes met de operette Pépito (1953) in het Théatre des Variétés. Tijdens de grote industrietentoonstelling van 1855 opende Offenbach vlakbij het tentoonstellingsterrein in een houten loods aan de Champs Elysées zijn eigen theater het "Bouffes Parisiens". Hier fungeerde hij als componist, dirigent en theaterdirecteur. In 1860 naturaliseerde Offenbach tot Fransman en kreeg in 1861 het Légion d’honneur. In 1862 nam hij ontslag bij de "Bouffes Parisiens", maar bleef hier toch voornamelijk voor componeren.

Voor dit theater componeerde hij bijna 100 operettes waarin hij de opera parodieerde, de mythologie, Wagner, het Parijse leven, het militarisme en de romantiek en uit de gehele wereld stroomden de vreemdelingen naar deze nieuwe attractie.

In de jaren '60 ontstaan zijn meesterwerken, gecomponeerd op libretto's van Henri Meilhac en Ludovic Halévy, Orphée Aux Enfers (1854), La belle Hélène (1864), Barbe-Bleue (1866), La Vie Parisienne (1866), La Grande-Duchesse de Gérolstein (1867), La Périchole (1868) en Les Brigands (1869).

In 1867, het jaar van de wereldtentoonstelling, bereikte Jacques Offenbach het toppunt van zijn roem met de operette La Grande-Duchesse de Gérolstein, die meer dan 300 maal vertoond werd. 57 gekroonde hoofden, vorsten en prinsen, bezochten Parijs, de tentoonstelling en de operettes van Offenbach. Zijn belangrijkste oprettes waaronder verder Orphée aux enfers(1858, omgewerkt in 1871) en La belle Hélène (1864) werden over de wereld uitgevoerd.

In 1870 toen de oorlog uitbrak en het keizerrijk eindigde, was dit ook het einde van Offenbach's grote carrière. Omdat de librettisten Halévy en Meilhac niet meer met hem willen samenwerken, bouwt hij Orphée aux enfers en La belle Hélène om tot grote feeërieën en verliest zijn gehele vermogen in deze onderneming.

Van 1872-1875 was hij theaterdirecteur aan het het Théâtre de la Gaité, waar zijn werken regelmatig worden opgevoerd. Maar de tijd van de komische opera was al snel afgelopen.

In 1876 ging hij totaal geruïneerd naar Amerika, waar hij met groot succes zijn muziek dirigeerde op massabijeenkomsten.

De laatste jaren van zijn leven had Offenbach aan een opera gewerkt, Les Contes d'Hoffmann / Hoffmanns Erzählungen, een opera in drie akten op een libretto van Jules Barbier. Na zijn dood werd het werk, met name de instrumentatie voltooid door Ernest Guiraud en op op 10 februari 1881 vond in de Opéra Comique de première plaats. Deze première was zo succesvol dat de opera in hetzelfde jaar nog 101 maal werd uitgevoerd. Ook in de 20ste eeuw hoorde Les Contes d'Hoffmann, Offenbach's meesterwerk nog tot het vaste repertoire van de voornaamste opera's in de wereld.

De composities van de man die als de grondlegger van de moderne operette wordt beschouwd zitten vol scherpe satire en sprankelende geestigheden. Doordat hij met zijn muziek commentaar leverde op de maatschappelijke verschijnselen van de Second Empire en deze aldus parodieerde, kon ook een groot deel van zijn toenmalige publiek zich daarin herkennen.
Offenbachs melodiek is gracieus en sprekend, zijn ritmiek sprankelend en meeslepend. Door de mengeling van elegantie en klassieke rechtlijnigheid, die in zijn wijze van componeren te vinden zijn, noemde Rossini Jacques Offenbach, wiens belangrijkste librettisten Halévy en Meilhac waren, ook wel de "kleine Mozart van de Champs-Elysées".

Mozart van de Champs-Elysées ‘De kleine Mozart van de Champs-Elysées’, de door Rossini verzonnen bijnaam van de componist Jacques Offenbach.

Werk: 100 operettes; balletten: o.a. Polichinelle dans le monde (1855), Le Papillon (1860); toneelmuziek.


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 183.