kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.

Jacques Ibert

Jacques Francois Antoine Ibert geboren Parijs, 15-8-1890, gestorven Parijs, 5-2-1962
Frans componist

Na de eerste muzieklessen van zijn moeder te hebben gehad, bezocht Jacques Ibert van 1910-1914 het Parijse conservatorium en was daar leerling compositie van André Gédalge, Émil Pessard, Paul Vidal en Gabriel Fauré.

In 1919 won hij met zijn cantate Le Poète et la Fée de Premier Grand Prix de Rome.

Vanaf 1937 was Ibert directeur van de Académie de France in de Villa Medici te Rome. Dit ambt legde hij in 1940 in eerste instantie neer, nam het echter een jaar na de Tweede Wereldoorlog weer aan en bekleedde het vervolgens weer 23 jaar. Van 1955 tot 1956 werd hij administrateur général van de Parijse Opéra en de Opéra-Comique (opgevold door Gerges Hirsch).

Met Jean Françaix behoorde Ibert tot de componisten in de lijn Rameau Bizet Debussy. Zijn kunst is uitmuntend in zijn intelligentie, klassieke soberheid, esprit en 'fantaisie dans la sensibilité' (Debussy). Hij mijdt iedere extravagantie en zijn uitdrukkingsmiddelen getuigen van grote vakbewaamheid, doeltreffendheid en economie.

Een stilistische indeling van de werken van Jacques Ibert is bijna niet mogelijk. De componist zelf liet zich in verband hiermee eens het volgende ontvallen: "Alle stijlrichtingen zijn goed, vooropgesteld, dat men ze gebruikt om muziek te maken."

Ibert schreef o.a. twaalf toneelwerken, balletten, een symfonie, concerten voor verschillende solo-instrumenten (cello, fluit, saxofoon), blaaskwintetten, pianowerken, koren en liederen.

Werken: kamermuziek: Deux mouvements voor twee fluiten, fagot en klarinet (1920), Cinq pièces pour trio d'anches, strijkkwartet (1943); orkestmuziek: La ballade de la geôle de Reading (1922, naar Oscar Wilde), Escales (1923), Divertissement (1927), Capriccio (1930), celloconcert met blazersbegeleiding (1925), fluitconcert, atsaxofoonconcert (1934), hoboconcert (1951), Bacchanale (1956); liederen met orkestbegeleiding: Chant de folie pour voix et orchestre (1926); opera's: Persée et Andromède (1920), Angélique (1926), Le Roi d’Yvetot (1927-28), L’aiglon (1937); balletmuziek: Les rencontres (1925), Diane de Poitiers (1934), Les amours de Jupiter (1945); toneelmuziek: Le chapeau de paille d'Italie (1930), Le jardinier de Samos (1932); panomuziek; orgelmuziek; harpmuziek; gitaarmuziek; filmmuziek en radiofonische muziek


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 142.