kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 27 03 2017 16:48 voor het laatst bewerkt.

Herman Brood

Herman Brood

Herman(us) Brood

geboren: 5 november 1946 Zwolle
gestorven: 11 juli 2001 Amsterdam
Nederlandse musicus, dichter en kunstenaar.

herman brood komt uit een arbeidersgezin. Zijn vader werkte al vanaf zijn twaalfde jaar in een fabriek. Herman is een moederskindje en op school moet hij het vanwege zijn scheelheid en dikte vaak ontgelden.

herman brood speelt vanaf zijn twaalfde piano en kan aardig tekenen en besluit in 1964 naar de Kunstacademie in Arnhem te gaan.

Op school laat hij zich niet veel zien, maar wel treedt hij op 17-jarige leeftijd toe tot de Moans, een plaatselijke beatgroep (het latere Moan, oftewel long Tall Ernie and the Shakers). Als toetsenist bij de Arnhemse band toerde brood intensief in het Duitse nachtclubcircuit, waar de basis werd gelegd voor zijn excessieve drank- en drugsgebruik.

In 1967 trad hij als pianist toe tot de legendarische Drentse bluesband Cuby and the Blizzards en speelde mee op het klassieke album ‘Groeten Uit Grollo’. Broods gebruik van drugs wordt door de platenmaatschappij van de groep niet getolereerd en verlaat al snel de band.

Een vage periode volgt. In Israël werkt hij in kopermijnen, in eigen land verdeelt hij zijn tijd tussen gevangenis (wegens handel in- en gebruik van drugs) en inrichting (vooral de lsd komt nogal hard bij hem aan).

1974 Cuby & De Blizzards, inclusief brood, geven hun afscheidsoptreden in het VARA-televisieprogramma Nederpopzien. Vervolgens speelt Herman een blauwe maandag piano in de formatie Stud.

Na enkele jaren stilte verscheen in 1975 het rockalbum ‘Showbiz Blues’ van de groep Flash & Dance Band, dat Herman opnam met onder andere drummer Hans Lafaille en Jan Akkerman.

Herman brood belandt in 1975 in een eerste versie van de groep Vitesse. Hij is te horen op de eind '75 verschijnende debuutplaat van het gezelschap. Zodra de plaat uit is vertrekt Herman weer.

In 1976 sluit herman brood zich even aan bij de kortstondig herenigde Blizzards en loopt dan Koos van Dijk tegen het lijf. Koos van Dijk, een Groninger met ruime horeca-ervaring, raadt Brood een solocarrière aan en werpt zichzelf op als manager. Kolonel Koos heet hij al snel, naar Elvis' manager Colonel parker.

Herman Brood formeerde een begeleidingsband, die ondanks alle bezettingswisselingen die zullen volgen, altijd de Wild Romance zal blijven heten.

Street, de eerste elpee van herman brood en zijn Wild Romance, doet het in 1977 vooral goed bij de critici. Het grote publiek volgt een jaar later als Brood met de van de elpee Shpritsz uit 1978 getrokken single Saturday night zijn visitekaartje presenteert.

Na het live-album ‘Cha Cha’ en de single ‘Still Believe’, maakte Brood in 1979 de eigenaardige film ‘Cha Cha’, waarin onder andere de zangeressen Lene Lovich en Nina Hagen te bewonderen waren.

Herman scoorde hits met ‘Never Be Clever’ en ‘I Love You Like I Love Myself’.

Herman Brood doet een poging voet aan de grond te krijgen in de Verenigde Staten. Op advies van zijn Amerikaanse platenmaatschappij slijpt hij de scherpe kanten van zijn muziek, kuist hij zijn teksten en zet hij zelfs rücksichtslos manager Koos van Dijk aan de kant. De hier opgenomen albums 'Go Nutz' en later 'Wait a minute' worden een jammerlijke mislukking.

In de jaren tachtig en negentig manifesteerde Brood zich vooral als beeldend artiest. De kunstacademie blijkt toch niet helemaal voor niets te zijn geweest. Kunstcritici hebben weinig op met Broods werk, maar ook hijzelf lijkt het niet al te serieus te nemen. 'Aangeklede handtekeningen' noemt hij zijn tekeningen en schilderijen, die hij in een ongekend tempo produceert en die hij, tot groot ongenoegen van zijn galeriehouders, geregeld op straat verpatst.

Brood werkte graag mee aan de opbouw van zijn imago als onverbeterlijke 'zoon van alle moeders' en schroomde niet via de roddelpers en tv-optredens van zijn privé-leven een publieke zaak te maken. En als vanouds praat hij even makkelijk met Theo van gogh als met Henk Binnendijk van de EO. Ondertussen blijft hij maar doorgaan met drugs, liefst weggespoeld met al even onmenselijke hoeveelheden alcohol. Trots laat hij iedereen zien hoe opgezwollen zijn lever inmiddels is. Na zijn dood moet de wetenschap er maar eens naar kijken, vindt hij.

In 1981 trok Herman zich ietwat terug uit de publiciteit. Zijn albums ‘Modern Times Revive’ (1981) en ‘Frisz & Sympatisz’ (1982) deden het redelijk maar het grote succes leek enigszins te zijn weggeëbd.

Met het ijzersterke album ‘The Brood’ stond Herman in 1984 weer volop in de schijnwerpers. Bovendien trok zijn huwelijk met Xandra Jansen eveneens de nodige aandacht. Later dat jaar scoorde hij hits met ‘Als Je Wint’,(een duet met Hennie Vrienten) en ‘Tattoo Song’.

Na het live-album ‘Buhnensucht’ (1985) stortte Herman zich op een carrière als kunstenaar en acteur.

Herman Brood was in 1986 te zien in het toneelstuk ‘Kamikaze’ (dat zich afspeelt in een rijdende autobus) en in 1987 in de Duitse speelfilm ‘Stadtrand’ van regisseur Volker Führer.

Pas in 1988 is er weer een opleving; op de cd Yada Yada laat Brood horen het nog steeds te kunnen en was hij met de single Sleepin’ Bird eindelijk weer eens in de hitlijsten te vinden. In juni staat Hermanus met zijn Wild Romance op Pinkpop.

Herman brood, inmiddels 25 jaar in het vak, continueert het succes met de cover-plaat Hooks in 1989. Met een vernieuwde Wild Romance toert hij zes weken door Duitsland.

Met medewerking van Clarence Clemons, de saxofonist uit de E-Street Band van Bruce Springsteen, en de fameuze tex mex-accordeonist Flaco Jiminez neemt Brood het album Freeze op. Herman Brood was gek op de saxofoon. Al bespeelde hij het instrument zelf niet, hij vond het 'zo cool' staan dat hij er vaak mee op de foto stond.

1992 : Saturday night Live!

1994 : Fresh Poison
Jan Eilander schrijft Rock ‘n Roll Junkie, een verhaal over het fenomeen brood. Het boek is binnen een jaar aan een herdruk toe. Eilander maakt onder dezelfde titel ook een documentaire.

1996 : 50 The Soundtrack
Brood moet de constitutie van een topsporter hebben, want in 1996 viert hij zonder problemen zijn vijftigste verjaardag. Op het bijbehorende feest in Paradiso zingt hij een duet met Gerard Joling en meldt ook Henny Huisman zich op het podium. Rock-'n-roll? Brood is in zijn nadagen vooral folklore.
Bart Chabot schrijft de biografie Broodje Gezond, een boek dat maar liefst acht keer wordt herdrukt.

1997 Samen met Van Dik Hout heeft Brood een hitje met het nummer Pijn.

Begin 1999 wordt Herman Brood opgepakt wegens verboden wapenbezit, na met een pistool uit een rijdende trein te hebben geschoten.

Ook in 1999 verscheen ‘Back On The Corner’ (waarop Brood nummers coverde van bijvoorbeeld Duke Ellington en Cole Porter) en tourde hij samen met Jules Deelder en Bart Chabot langs de Nederlandse theaters met de voorstelling 'Apocrief'.

Na een dubieuze flirt met Nederlandstalige rap klinkt er weer Rockmuziek op Ciao Monkey, zijn allerlaatste cd (2000). De titel Ciao Monkey verwijst naar zijn plan definitief te kappen met de drugs (in het Engels is iemand met een monkey op zijn rug een verslaafde).

Brood speelt de rol van Drugsbaron in de Nederlandse film Total Love.

De drugs laten hem vallen. Op een dag werkt de speed eenvoudigweg niet meer. In minder dan een jaar tijd verwordt Herman Brood tot een levend wrak. Hij moet een luier om, doet er een half uur over om zijn broek aan te trekken, kan nauwelijks meer praten.

2001 Madame Tussaud maakt van Brood een wassen beeld dat, op zijn uitdrukkelijke verzoek, aan het eind van het jaar naast het beeld van elvis presley gezet zal worden. Brood zal dat niet meer meemaken.

Herman Brood (54) heeft 11 juli 2001 op klaarlichte dag een einde aan zijn leven gemaakt door van het dak van het Amsterdamse Hilton-hotel negen verdiepingen naar beneden te springen. Op zijn lichaam werd een briefje gevonden waarop stond dat hij geen zin meer in het leven had. Verder meldde het schrijven: 'Maak er een mooi feest van. En misschien zie ik jullie nog eens.' Broods lichaam was door drank en drugs vernietigd en hij was zienderogen afgetakeld.

De artiest had het scenario voor zijn zelfdoding enige tijd geleden bedacht en verteld aan een van zijn vrienden, de Haagse schrijver Bart Chabot. 'Hij wilde springen', aldus Chabot. 'Of van het Okura, of van het Hilton. Ik raadde hem het Hilton aan. Ik zei dat dat dichterbij zijn woning was. Daar moest hij vreselijk om lachen.'

Ook het laatste schilderij van Herman Brood is veelzeggend: een gezicht van een man die een pistool tegen zijn hoofd houdt. Brood heeft het een week voor zijn dood geschilderd.

Brood's versie van My Way die tijdens de dienst wordt gedraaid verschijnt op single en belandt enkele weken later op de eerste plaats van de Top 40. Uitgeverij De Bezige Bij brengt de dichtbundel Zoon Van Alle Moeders (1988) opnieuw uit en de documentaire Rock'n'Roll Junkie van Jan Eilander draait weer in enkele bioscopen. Het borstbeeld van Brood dat kunstenaar frank Rosen heeft gemaakt krijgt een plek in Brood's geboorteplaats Zwolle. Tegelijkertijd met het afscheidsfeest in Paradiso op 5 november (de verjaardag van Brood) verschijnt My Way: The Box, een vier cd's tellende compilatie. De single Saturday Night wordt opnieuw uitgebracht.


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 6.