kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.

Giulio Caccini

Giulio Caccini geb. Rome ca 1545 - gest. Florence 10-12-1610
Italiaans componist, zanger, luitist en harpist

Caccini kwam uit Rome en werd al op zijn veertiende werkzaam aan het Florentijnse Hof van de Medici als zanger.

Vanaf het begin was hij lid van de Florentijnse Camerata. Hij was hoofd van een zeer muzikaal en beroemd muzikantengezin: zijn vrouw, zoon en twee dochters waren allen musici.

Caccini schreef wereldlijke muziek, o.a. enkele van de allereerste opera's:
Al voor 1600 schreef hij zijn eerste opera Dafne, welke verloren is gegaan.
In 1600 schreef hij de opera Euridyce, die pas in 1602 uitgevoerd werd.

Hij werd beroemd met zijn bundel mooie lyrische zangstukken voor één stem met muzikale begeleiding Le nuove musiche, geschreven in 1601. In het voorwoord hiervan beweerd hij de monodische schrijfwijze reeds een vijftiental jaren toe te passen. De titel Le nuove musiche werd tevens de naam voor het gehele moderne monodische genre van de 'canzonetta a uso di aria', niet meer gecomponeerd op 'parole vili' (laag bijdegrondse woorden), maar op verheven gedichten van eersterangs poëten. Deze aria's inspireerden Caccini tot de formulering van grondregels voor de virtuoze zangkunst en van het uitvoeren van lange muziekbogen.

In het voorwoord van de uitermate belangrijke bundel Le nuove musiche (1601) hield hij een vurig pleidooi voor de 'nieuwe muziek' (dat is: de monodie).

Ook voor de ontwikkeling van de zangtechniek is Caccini van groot belang geweest. Onder zijn invloed heeft de zangkunst zich rond 1600 sterk ontwikkeld. Het belcanto begint in feite reeds bij Caccini. Caccini werd de auteur van de eerste zangmethode en de vader van de moderne zangkunst.

In 1604 werd hij door de Franse koningin Maria de Medici uitgenodigd, samen met zijn vrouw en dochters, alle drie begaafde zangleerlingen, voor een artistiek bezoek aan het Parijse Hof.

Caccini was de monodie-specialist van de 'Camerata fiorentina'.
In opdracht van de Camerata, een accademia die in het bijzonder de herleving van het Griekse drama propageerde en daarvoor ook de Griekse muziekesthetica tot een onderwerp van studie maakte (eerst o.l.v. Giov. Bardi, later van Jacopo Corsi, met als leden o.a. Girolamo Mei, Vincenzo Galilei, Giulio Caccini, Strozzi), probeerde Caccini Ugolino's klacht (uit Dantes Inferno) en de Klaagzangen van Jeremia onmiddellijk voor één enkele zangstem met instrumenten te componeren, vermoedelijk nog door van een polyfoon gedachte compositie alleen één stem te doen zingen en de anderen te doen spelen op instrumenten. In zijn Nuove musiche (ontstaan ca 1587, gedrukt 1602) sloot hij aan bij bovengenoemde transcripties voor één zangstem met begeleiding van een akkoordinstrument, waarvan hij alleen de bas noteerde, zulks in aansluiting aan een reeds iets oudere organistenpraktijk, de becijferde bas (basso continuo, basso seguente, generale bas). Hiermede was het gewenste muzikale uitdrukkingsmiddel voor het gezongen drama, waarbij vóór alles de tekst verstaanbaar tot het auditorium moest komen en wel zo, dat de gemoedstoestand van de handelende persoon erin weerspiegeld werd, gevonden. Nieuw is in deze door Caccini geschapen monodie of harmonisch begeleide stijl feitelijk alleen, dat hij deze niet afleidt uit een meerstemmig gedachte compositie, maar onmiddellijk zijn aandacht richt op de ene stem, die draagster van de expressie is; de middelen, zowel van notatie als van uitvoering, kende zijn tijd in feite reeds.


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 42.