kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.

Giacomo Puccini

Opera "Gianni Schicchi" (deel van "Trittico").
O Mio Babbino Caro door Maria Callas.

Giacomo Antonio Domenico Michele Secondo Maria Puccini (geb. 22.12.1891 in Lucca, - gest. 29.11.1924 in Brussel), Italiaans componist.

Puccini stamde uit een familie van musici die al eeuwen in Lucca leefden. Hij verloor zeer vroeg zijn vader die zeven kinderen achterliet. Voor geregeld muziekonderwijs was dan ook geen geld. Giacomo moest het stellen met de pianolessen van de pastoor. Toen hij Giuseppe Verdi's "Aida" had gehoord, besloot hij musicus te worden. Zijn moeder zorgde ervoor dat de jongeman een subsidie kreeg van de koningin. Hij kon aan het conservatorium van Milaan studeren waar hij les had van onder meer de Italiaanse componist Amilcare Ponchielli.

Puccini hield zich al vroeg bezig met het componeren van opera's. Zijn eerste werken "Le Villi" (1883) en "Edgar" (1889) oogsten in Milaan veel succes. "Manon Lescaut" (1893) bracht hem genoeg op om een stuk grond in Lucca te kopen en er een huis op te bouwen; Puccini kon namelijk niet zonder de rust van de natuur en de opwinding van de jacht. Door "La Bohème" (1900) werd hij welgesteld.

An animated short from "L'opera Imaginaire"

Madame Butterfly
Tijdens het componeren van "Madame Butterfly" (1904) raakte Puccini in een auto-ongeval betrokken; in kwelling en pijn werkte hij de opera af die bovendien zeer slecht werd onthaald.
De opera Madama Butterfy is een "Japanse Tragedie" in drie aktes. Het verhaal is geschreven door Luigi Illica en Guiseppe Giacosa. De muziek is van Giacomo Puccini. De opera werd voor het eerst opgevoerd in het Scala-theater in Milaan op 17 februari 1904.
I - Terwijl de Amerikaanse marineofficier Pinkerton het zojuist gearrangeerde huwelijk met de geisha Cio-Cio-San, alias Madama Butterfly, ziet als een exotisch avontuur, neemt Butterfly de verbintenis zo serieus dat ze de godsdienst van haar voorouders afzweert en zich bekeert tot het christendom. De Amerikaanse consul Sharpless waarschuwt Pinkerton dat de gevolgen ernstig kunnen zijn, maar deze lacht alle bezwaren weg. Na de huwelijksplechtigheid blijft Butterfly’s familie lang plakken, tot de komst van haar oom Bonzo, een Japanse priester. Hij vervloekt Butterfly, die prompt door haar hele familie wordt verstoten.
II - Drie jaren later. Vlak na het huwelijk was Pinkerton teruggekeerd naar Amerika zonder ooit nog iets te hebben laten horen. Butterfly, die een zoontje van hem heeft, blijft geduldig op hem wachten, ook al proberen haar kamenierster Suzuki en de koppelaar Goro haar op andere gedachten te brengen. Sharpless leest een brief voor waarin Pinkerton laat weten dat hij op weg is naar Japan, met zijn nieuwe Amerikaanse vrouw. Hij raadt Butterfly aan het huwelijksaanzoek van prins Yamadori aan te nemen, wat zij verontwaardigd van de hand wijst. Het schip van Pinkerton komt aan. Butterfly en Suzuki bereiden een feestelijke ontvangst voor.
III - Als Pinkerton wordt geconfronteerd met zijn kind, krijgt hij berouw en ontwijkt de confrontatie. Kate Pinkerton, Sharpless en Suzuki overtuigen Butterfly ervan dat het kind beter met zijn vader mee kan gaan naar Amerika. In wanhoop stemt Butterfly toe, op voorwaarde dat Pinkerton zijn zoontje zelf komt halen. Net op het moment dat Pinkerton arriveert, pleegt Butterfly zelfmoord.

Ook "La Fanciulla del West" (1910), een drama dat zich in het wilde Westen afspeelde werd slecht onthaald, althans in Europa.
"La Rondine" (1917), een fijn werk, kwam tot stand tijdens de Eerste wereldoorlog.
Daarop volgde "Il trittico" (1919), een drieluik van eenakters.
Datzelfde jaar begon hij aan zijn laatste opera "Turandot". Hij had een voorgevoel dat hij hem niet zou voltooien; keelkanker verhinderde hem te werken. Doodziek reisde hij naar Brussel, waar een operatie zijn dood bespoedigde. Franco Alfano werkte Turandot af.

De meesterlijke melodist, die gold als de belangrijkste vertegenwoordiger van de Italiaanse opera na Verdi, beschouwde de thematiek en de dramatische vormgeving daarvan als de belangrijkste voorwaarden voor een goede opera. Om die reden werkte hij geregeld mee aan de opstelling van het libretto. Giacomo Puccini gaf in zijn opera's de voorkeur aan vrouwenfiguren en het liefdesthema; afscheids- en doodsscènes worden door hem meestal gekarakteriseerd door een langzaam tempo, het gebruik van toonladders in mineur en een melodie met een neergaande tendens. De instrumentatie van de als zeer melancholiek bekend staande componist, die onder andere ook een mis, een requiem, kamermuziek, orgel -en pianowerken, en ook liederen en koormuziek schreef, is rijk aan kleur en nuance. Daarbij wordt het milieu ten dele zeer naturalistisch nagebootst. Puccini verstond als geen ander de kunst handeling, beweging en conflict te combineren met rustige, lyrische en poëtische momenten. Vooral de beschrijving van een lyrisch-poëtische sfeer en burgerlijk gedrag onderscheidt de opera's van Puccini van die van Giuseppe Verdi, die een meer heroïsch karakter hebben.

Verisme
Zo er al veel is gesproken over het verisme in de Italiaanse opera, dan is daar niet alleen maar weinig van overgebleven, maar ook waren de vruchten van dit nieuwe gewas der muziek slechts schaars. Men kan Giacomo Puccini niet veristisch noemen in de strikte zin van het woord al was hij het wel in esthetische zin. La Bohème is een veristische opera in de zin van de Napolitaanse School der opera buffa: tekening van de sfeer en personen uit het alledaagse leven. Maar zij is niet veristisch in de uitdrukking, daar zij naar raffinement streeft, zij het dan volkomen bedrieglijk.
De opera van Puccini is het uiterste verval van de romantiek, terwijl het verisme eigenlijk een vernieuwing daarvan wilde zijn. Bij de figuren van Puccini is geen streven meer naar het sublieme, zoals in de typisch romantische opera's, maar eenvoudig een streven naar het huiselijke ongecompliceerde en het alledaagse. Dit is de sfeer die indruk maakte op het publiek van zijn tijd (en gedeeltelijk ook nog op dat van de onze), een publiek waarvan Puccini slechts de kroniekschrijver is. Overigens een zeer fortuinlijk en geniaal kroniekschrijver, evenals Mascagni en Leoncavallo, die - zij het dan elk slechts met één opera - met hem het driemanschap van het burgerlijk-veristische theater in Italië vormden.
Het opera-oeuvre van Puccini laat zich niet zo eenvoudig benoemen. Hij was (net als Massenet) een succesvol eclecticus die in een opera als Manon Lescaut (1893) de laat-romantische hang naar sentiment laat prevaleren. In andere werken kiest hij juist voor het realisme (La bohème, 1896) of het exotische (Madama Butterfly, 1904; Turandot, 1926). De muziek van Puccini wordt gekenmerkt door lyrische intensiteit, discreet toegepaste moderne harmonische verworvenheden en een wonderbaarlijke flair voor dramatische effecten.


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 184.