kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 30 01 2018 11:35 voor het laatst bewerkt.

Georges Enesco

(Roemeens: George Enescu) geb. 19-8-1881 Liverni-Virnay in Dorohoiû, gest. 5-5-1955 Parijs
Roemeens componist, dirigent, pianist en violist

Enesco ging naar Wenen op zijn negende jaar om viool te studeren. Hij studeerde viool bij Joseph Hellmesberger Jr. en compositie en harmonie bij Robert Fuschs aan de Wiener Musikakademie. Toen hij veertien jaar was ging hij naar het conservatorium in Parijs om daar bij Jules Massenet, André Gédalge en Gabriel Fauré (harmonie en compositie) en viool bij Armand Marsieck te studeren en won de eerste prijs in 1899. Hij maakte een grote carrière als vioolvirtuoos.

Gedurende de W. O. I verbleef hij in Roemenië. Zowel voor als na de oorlog maakte hij vele concertreizen door De USA en Europa. Hij speelde Beethoven met Felix Weingartner, dirigeerde het Philadelphia Orchestra en het orkest van de
New York Philharmonic Society en trad samen op met Béla Bartók.

Vanaf 1927 vestigde hij zich in Parijs en dirigeerde het Symfonie Orkest van Parijs en het orkest van Les Concerts Colonne. Hij dirigeerde ook in andere Europese landen en in Noord-Amerika waar hij in de periode 1936-37 het New York Philharmonic Orchestra dirigeerde.

Als componist is Georges Enesco bij de meeste mensen bekend met zijn twee Roemeense Rapsodieën (no. 1 gecomponeerd op zijn 20ste jaar en No.2 twee jaar later in 1902). Hij componeerde echter veel meer dan dat, w.o. Poème roumain waar de Roemeense folklore in meeklonk. Hij componeerde suites voor orkest, 3 symfonieën, piano sonates, sonates voor viool en piano, stukken voor 8 strijkers, voor 10 blazers, een kamersymfonie en een opera Oedip op een libretto van Edmond Fleg. De opera ging op 13 maart 1936 in première en werd goed ontvangen. Deze lyrische tragedie in 4 akten kan aangemerkt worden als zijn belangrijkste compositie.

Enesco was leraar in zowel Roemenië als Frankrijk en zijn beroemdste leerling is Yehudi Menuhin. De vriendschap tussen hen resulteerde in een samenwerking op vele opnamen. Samen speelden ze het Concerto voor twee violen van Bach met Pierre Monteux als dirigent en Menuhin soleerde in Dvorak's vioolconcert met Enesco als dirigent van het Parijse Symfonie Orkest. Met l'orchestre des Concerts Colonne namen ze Lalo's Symphony Espagnol op. En met het Parijse Symfonie Orkest Mozart's vioolconcerten No 3 en 7 en Ottokar Novacek's Perpetuum Mobilé. Met Enesco aan de piano nam Menuhin Paganini's Tremolo (Caprice No. 6) op.

Gedurende de W.O. II verbleef hij weer in Roemenië. In 1946 dirigeerde hij Tsjaikowski's Symfonie No. 4 in de Grote Hal van het conservatorium van Moskou. In datzelfde jaar keerde hij terug naar Parijs. In 1947 gaf hij een bijzondere vertolking van de zes Partitas en Sonatas voor viool solo van Johann Sebastian Bach. Van 1948-50 doceerde hij aan de Mannes Music School in New York en werd korte tijd lid van de Faculteit van de universiteit van Illinois. Op 21 januari 1950 gaf Enesco een afscheidsconcert als violist, pianist en dirigent en keerde terug naar Parijs.

Zijn gezondheid liet toe dat hij af en toe dirigeerde en in die jaren nam hij de pianoconcerten van Johann Sebastian Bach op met Céliny Chailley Richez als pianiste. Slechts met veel moeite kon hij viool spelen. In 1954 kreeg hij een beroerte en hij stierf op 4 mei 1955 in Parijs.

Bron: www.soundfountain.com


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 253.