kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.
Dit artikel is 11-01-2016 voor het laatst bewerkt.

Concertgebouworkest

Befaamd Nederlands orkest. Het Koninklijke Concertgebouworkest van Amsterdam werd in 1888 opgericht en is genoemd naar het gebouw (eveneens opgericht in 1888) waarin het is gevestigd. Na Willem Kes, die hoofddirigent was van het symfonieorkest van 1888 tot 1895, nam Willem Mengelberg de leiding over het orkest over. Het is vooral aan zijn langdurige inzet te danken dat het Concertgebouworkest is kunnen uitgroeien tot één van de toonaangevende orkesten van Europa.

CONCERTGEBOUW, Het Concertgebouw in Amsterdam.
In 1882 werd door vooraanstaande ingezetenen der Nederlandse hoofdstad een 'Naamloze Vennootschap' opgericht met als doel: 'het exploiteeren van een Concertgebouw te Amsterdam en al hetgeen daarmede in verband staat'. Op II april 1888 vond de feestelijke inwijding van het nieuwe gebouw plaats (architect A. L. van Gendt) met een concert, onder leiding van mr. Henri Viotta. Daarna begon de samenstelling van het nieuwe orkest door Willem Kes, die van 1888 tot 1895 de leiding van het jonge ensemble had en dit met grote pedagogische kracht en veel toewijding tot een homogeen ensemble wist op te bouwen. In 1888 telde het orkest zestig leden (thans meer dan honderd). Als opvolger van Kes werd in 1895 de jonge Willem Mengelberg benoemd, onder wiens leiding het Concertgebouw-orkest zich tot een der meest vooraanstaande orkesten der wereld ontwikkelde.

Steeds meer breidde zich het repertoire uit, internationale contacten werden gelegd en daarnaast werd de muziek van eigen bodem systematisch bevorderd.
In 1908 werden Cornelis Dopper en Evert Cornelis tot tweede dirigenten benoemd, die resp. tot 1931 en 1919 aan de instelling verbonden bleven, terwijl Mengelberg zijn werkzaamheden tussen Amsterdam en Frankfort a.d. M. als leider der 'Museumconcerten' verdeelde. Opvolger van Dopper werd in 1931 Eduard van Beinum, die in 1938 tot eerste dirigent promoveerde. Naast W. Mengelberg waren voorts eerste dirigenten Karl Muck (1921-25), Pierre Monteux (1925-34), Bruno Walter (1934-39), Eugen Jochum (1941-43). Daarnaast tal van prominente figuren als gastdirigenten, o.a. Safonow, Weingartner, Nikisch, Richard Strauss, Mahler, Pierné, Beecham, Gabrilowitsj, Stokowski, Klemperer, Kleiber, Szell enz.

Rudolf Mengelberg, sedert 1917 aan het Concertgebouw verbonden, werd in 1925 met de artistieke leiding belast, welke taak hij tot 1954 vervulde. In 1920 werd de Concertgebouw-kamermuziek ingesteld. In 1922 ontstond een belangengemeenschap met het Toonkunstkoor, waarmee de samenwerking steeds intensiever werd. Vanaf het begin werd naast de klassieke en romantische muziek de moderne toonkunst beoefend; het publiek werd speciaal vertrouwd gemaakt met het oeuvre van Richard Strauss (die in 1899 aan Willem Mengelberg en het Concertgebouw-orkest Ein Heldenleben opdroeg), Gustav Mahler, Diepenbrock, Debussy, Ravel, Reger, Stravinsky, Arnold Schönberg (gedurende de winter 1920-21 gast van het Concertgebouw in Nederland), Pijper, Hindemith, Badings enz.

Een in de geschiedenis unieke gebeurtenis was het Mahlerfeest in mei 1920, het eerste grote muziekfeest na W.O. I, waarbij o.l.v. Willem Mengelberg alle werken van Gustav Mahler op negen concerten werden uitgevoerd. Gedenkwaardige feiten en data zijn voorts: de Nederlandse Muziekfeesten van 1912 (o.a. eerste uitvoering van Diepenbrocks Te Deum), 1922, 1935; het geregeld optreden van het orkest in andere Nederlandse steden en de sedert 1899 traditionele uitvoering van de Matthäuspassion op Palmzondag.

Reeds in 1898 vond de eerste grote buitenlandse reis van het orkest plaats, en wel naar Noorwegen, waar op instigatie van Edvard Grieg een Noors Muziekfeest werd gegeven. Vele andere buitenlandse reizen zouden volgen, O.a. naar Londen, Brussel, Frankfort a.d.M. (Geistliches Musikfest 1912), Parijs (o.a. Matthäuspassion 1913), Hamburg, (Holländisch-Hamburgisches Musikfest 1922), Berlijn, tournee door W.-Duitsland en Zwitserland (1928) en voorts geregeld concerten in tal van Europese steden.

In het najaar 1953 ondernam het orkest een tournee door de Ver. Staten, onder leiding van Eduard van Beinum en Rafael Kubelik.

In 1952 vond de scheiding plaats van Orkest en Gebouw; door de oprichting der 'Nederlandse Orkeststichting tot beheer van het Cocertgebouworkest' werd het orkest een zelfstandige onderneming.


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 215.