kunstbus

Ben jij de slimste mens? Test je kennisniveau op YaGooBle.com.

Alphons Diepenbrock

Alphons Diepenbrock 1890

Alphons Diepenbrock: Missa in die festo (1890), Kyrie

Alphons Johannes Maria Diepenbrock geb. 2-9-1862 Amsterdam - gest. 5-4-1921 Amsterdam
Nederlands muziektheoreticus en componist

Diepenbrock studeerde klassieke filologie aan de universiteit van Amsterdam en promoveerde in 1888 cum laude op een proefschrift over Seneca Hij werd leraar aan het gymnasium in Den Bosch, maar besloot in 1894 terug te keren naar Amsterdam, waar hij zich voornamelijk aan het componeren wijdde.

Hij was als musicus autodidact. In zijn studententijd componeerde hij al zijn Academische feestmarsch (1882), die van een bijzonder vakmanschap getuigde. De eerste uitvoering van zijn Te Deum in Amsterdam in 1902 werd een openbaring voor het Nederlandse muziekleven; zoals de dirigent willem Mengelberg die zijn werk sterk bevorderde en een aantal vocalisten w.o. Aaltje Noordewier-Reddingius, Pauline de Haan-Manifarges, Berthe Seroen etc. die zich voor zijn liedkunst inzetten. Inmiddels had hij zelf ervaring opgedaan als kwartetaltist en dirigent.

Zijn oeuvre is voornamelijk vocaal en voor zijn liederen gebruikte hij de teksten van onder meer de Duitsers Goethe, Heine en Nietzsche de Fransen, Baudelaire, Verlaine en Laforgue en de Nederlandse dichters van Eeden, Perk Verwey, Vondel en Van Deyssel. Hij werd ook geïnspireerd door het kerklatijn, bijv. in zijn monumentale compositie Missa in die festo (voor dubbelmannenkoor, tenorsolo en orgel, 1891), die pas in 1916 kon worden uitgevoerd. Een mijlpaal in de geschiedenis van de katholieke kerkmuziek van Nederland en die Diepenbrocks betekenis voor de kerkmuziek groot maakte.

Zijn compositiestijl werd aanvankelijk beïnvloed door Wagner en Palestrina (die in Nederland nauwelijks bekend was). Later liet hij zich ook beïnvloeden door de koloristische verfijningen in de orkestmuziek van Debussy. Zijn muziek wordt gekenmerkt door vloeiend-polyfone vocaliteit en een rijk geschakeerde chromatische melodiek, met een overheersend andante tempo (langzaam), en een voorliefde voor een hoge ijle orkestklank. Hij schreef een aantal 'symfonische liederen' Hymnen an die nacht met uitgebreide voor-, tussen- en naspelen.
Diepenbrock heeft slechts weinig invloed gehad op de Nederlandse muziek en zijn werk werd na zijn dood grotendeels door het Alphons Diepenbrock-Fonds uitgegeven.

Werken: instr. muziek: Hymne voor viool en piano (1898, georkestreerd in 1917); liederen met pianobegeleiding: Hinüber wall'ich, Lied der Spinnerin, Clair de lune, L'Invitation au voyage (Baudelaire), Der Abend, Recueillement, Les chats, En sourdine (Verlaine), Ik ben in eenzaamheid niet meer alleen, Zij sluimert; zang en orkest: Hymnen an die nacht (1899), Im grossen Schweigen (1906), Die Nacht (1911); koorwerken: Missa (met orgel 1891), Te Deum (met orkest 1897); a-capella koorwerken: Wandrers Nachtlied, Den Uil; toneelmuziek: Marsyas 1910, Gijsbrecht van Aemstel (1912), DE Vogels (1917), Elektra(1920)


Test je competentie op YaGooBle.com.

Pageviews vandaag: 12.